Fill the gap! 4

Vanmiddag was ik bij de 4e aflevering van Fill the gap! Een seminar over ICT en ontwikkelingssamenwerking, kortgezegd over de digital divide en het slechten hiervan. De digital divide, mooi gevisualiseerd (pdf) door de govcom.org foundation, is in feite de splitsing tussen degenen die de beschikking hebben over computers en internet en zij die dit niet hebben. Vandaag stond het bedrijfsleven centraal. De lokatie was enigszins apart: het Paard in Den Haag. Vandaar dat ik nu in een naar kots stinkend hoekje van de kleine zaal zit te luisteren naar de keynote sprekers.

Prof dr. Jacqueline Cramers is de eerste keynote speaker, zij spreekt over duurzaam ondernemen: de balans tussen people, profit en planet. Dilemma’s voortkomend uit deze balans zijn met name sociale issues, niet het milieu, aldus Jacqueline. Ondernemingen in ontwikkelingslanden hebben vaak te maken met botsing van lokale regels en wetten en internationale richtlijnen. Deze zijn namelijk niet altijd in overeenstemming. Belangrijk is dat buitenlandse bedrijven in ontwikkelingslanden daadwerkelijk bijdragen aan de lokale economie. Dus niet alleen maar halen, maar ook geven (bijvoorbeeld door normale lonen, ontwikkeling van bv. IT-infrastructuur en kennisuitwisseling, sponsoring en gewoon liefdadigheid). Hier zien we een tendens naar meer nadruk op sponsoring en relatie met kernactiviteiten, omdat dit een betere garantie op continuiteit biedt. Doordat grote bedrijven die maatschappelijk verantwoord ondernemen ook eisen stellen aan hun toeleveranciers is dit ook voor kleine, en nationale MKB’s van belang.

Tweede keynote kwam van Marten Pieters van Celtel, sprekend vanuit de praktijk. Celtel doet mobiele telefonie in Afrika, dit is een enorm continent en het aanleggen van een electronische infrastructuur wordt ook nog eens bemoeilijkt door de slechte wegen. Ook electriciteit is niet beschikbaar, en daken om de masten op te plaatsen zijn er niet. Celtel maakt veel gebruik van lokale arbeiders om deze masten te bouwen en bijvoorbeeld generators voor electriciteit af en toe bij te tanken. Het bedrijf Celtel is inmiddels overgenomen door een oliebedrijf in Koeweit, er ontstaat dus nu een geldstroom van de Arabische landen naar Afrika. De originele aandelhouders (ontwikkelingsfondsen e.d.) hebben door deze verkoop flink winst gemaakt, allemaal geld dat nu weer in Afrika kan worden geinvesteerd. Hoewel Celtel natuurlijk gewoon een commercieel bedrijf is, staat de waarde ‘Making life better’ centraal. Een duurzame ontwikkeling van telecommunicatie in Afrika draagt hieraan bij. Daardoor kunnen mensen bijvoorbeeld communiceren met familieleden duizenden kilometers verderop. De banen die Celtel in Afrika creeert zijn schoon. Geen productiewerk, maar vooral kantoorbanen en high-tech banen. Aan het einde van zijn betoog, naar aanleiding van een vraag uit het publiek, maakt hij nog een interessante opmerking: het gebrek aan internet in Afrika heeft geen technische reden. Er ligt genoeg glasvezel, maar het probleem is dat deze bij lokale ‘PTT’tjes uitkomen, en deze hier ontzettend hoge bedragen voor vragen. Daarom gebruikt iedereen satelliet voor internet, maar dit is veel minder goed te schalen.

Aan het einde van de middag een panel discussie, waarin ter sprake komt dat ‘maatschappelijk verantwoord ondernemen’ iets anders is dan af en toe een maatschappelijk verantwoord project uit te voeren (zoals Ordina dit doet, door gratis IT consultants ter beschikking te stellen). Echt maatschappelijk verantwoord ondernemen betekent dat het in de kern van je bedrijf zit.

Bij Ordina, een bedrijf dat te maken heeft met aandeelhouders, is dat inderdaad problematisch. Duurzaam en maatschappelijk verantwoord ondernemen is daar pas interessant als het direct winst of besparing oplevert. Het gratis ter beschikking stellen van consultants voor maatschappelijke doelen is vooral PR. Overigens, dit hoorde ik vorige week op een bijeenkomst van de digitale pioniers, is het vaak ook een wolf in schaapskleren om van grote bedrijven dit soort diensten aan te nemen. Daar vertelde iemand mij namelijk, dat toen het project heel goed ging lopen, de onderneming er een melkkoe in zag en de boel volledig overnam. Oppassen dus met dat soort beursgenoteerde bedrijven, het zijn in essentie geldwolven!

De tweede ronde van de discussie gaat over beleid. Het ministerie van buitenlandse zaken is van mening dat ICT projecten in ontwikkelingslanden duurzaam moeten zijn. Het model van Microsoft (eerst 2 jaar gratis aanbieden, dan grof geld gaan vragen) is dat dus niet. Hoe het nu wel moet, dat blijft lastig. Het moet eigenlijk niet komen van de overheid, maar just van de bedrijven zelf, aldus sommigen. Extra regeltjes en regelingen (en er zijn er al een hoop, getuige de vele afkortingen die op een gegeven moment door de zaal vlogen) zorgen niet voor transparantie, en bieden weer allerlei kansen voor misbruik.

Er was ook nog een beurs, met stands, maar daarvan heb ik helaas niet veel meegekregen omdat ik bezig was mijn acrobat reader aan de praat te krijgen om belastingaangifte loonheffingen te kunnen doen. Ook de borrel moet ik overslaan: ik moet nog naar Utrecht om de werkgroep oss van GroenLinks voor te zitten!

Leave a Reply